Lessen in geluk: Frank Boeijen

Hij kreeg vorig jaar de NPO Radio 5 Oeuvre Award en toert nu door het hele land met zijn wonderschone nieuwe album Palermo als leidraad. Een ode aan de liefde van Frank Boeijen. Aan de hand van de klassieker van Ramses Shaffy deelt de zanger zijn lessen in geluk. Speciaal voor wendyonline een Maxi versie van het interview dat in WENDY Magazine staat.

Frank Boeijen is van alle tijden, van alle generaties. Ieder interview met hem mondt uit in een gesprek. Geen antwoord zonder vraag. Hij filosofeert, hij inhaleert, denkt, wikt, weegt en wil weten. Een lieve man, mild en vol interesse in een mix van bewondering en verwondering.

Zijn nieuwe album, Palermo, voelt als een lang gedicht, de liefdesliedjes golven op de ene cd in elkaar over, waarbij de pianoklanken van Ton Snijders je laten wegdromen en Boeijen met nog meer gevoel en met nog meer gelaagdheid zingt dan hij ooit deed. De andere cd is levendiger, minder melancholiek, de natuurlijke klasse druipt ervan af.

Frank Boeijen is de jongste zestigjarige die je je kunt voorstellen. Jong van geest, de humor en de relativering is nooit ver weg. De man die in de vorige eeuw megahits scoorde met Zwart Wit, Kronenburg Park en De Verzoening, inmiddels al decennia ongekend productief met dichterlijke liedjes als Vaderland, De Piano van Beethoven, op Palermo op zijn best in het prachtlied Hoe het was, deint met alle tijden mee en trekt jaar in jaar uit overal volle zalen. Zal zijn vuur ooit doven? Het vermoeden is van niet. WENDY sprak hem in zijn eigen Nijmegen urenlang. Over het leven zelf, zoals altijd…. 

Zing

‘Mijn jeugd zat vol met muziek. Op de lagere school, in de kerk. En ook thuis. Dan pakte mijn broer zijn gitaar en iedereen zong mee. In huize Boeijen werd veel gezongen. Er werden platen gedraaid van Harry Belafonte, The Everly Brothers, The Kinks, de Stones, Beatles, Cliff Richard, Adamo. Altijd heel melodieuze muziek, ik ben ook altijd zeer gehecht gebleven aan melodieën. Ook in de kerk, hoor. In het kerkkoor werd ik door de dirigent eruit gepikt: “Ga jij maar voor zingen, jongen.”

Pas de laatste jaren ben ik, op bezoek bij vrienden, in kleinere kring gaan zingen, iets wat ik altijd moeilijk heb gevonden; hoe groter de afstand hoe fijner. Het mooiste is als een gesprek langzaam over gaat in zang. Als het organisch ontstaat. Als het zo is dat de mensen in besloten kring echt iets hebben van: nou gaan we eens luisteren naar Frank, sla ik een beetje dicht. Ken je het fenomeen van de pubs in Ierland? Dan begint iemand en zingt op een gegeven moment iedereen uit volle borst mee. Dat gaat zo als vanzelf. Mooi is dat.’

Vecht

‘De mensen hielden niet van Nederlandstalig. We maakten onze eerste lp’s tegen beter weten in. Boerendisco’s in de blubber, kermissen waar je niet boven de herrie uitkwam; de sfeer soms bedreigend, wij zagen er heel vrouwelijk uit. We dachten echt: hoe komen wij hier doorheen? In 1984: Zwart Wit. Eindelijk succes. Euforie. Het lukte, tegen alle stromen in. Want ook nu ging het maar heel moeizaam, hoor. Buiten Frits Spits wilde niemand zo’n beladen tekst draaien. Boeijen draai je niet, dat was de mores bij de dj’s. Maar we kwamen op 3 binnen in de Tipparade, toen moesten ze wel, haha!

‘Ik ben nooit in de Randstad of ’t Gooi gaan wonen, ik kom er vaak en graag, maar ik ben altijd hier gebleven. Hier is Nijmegen, mijn stad, het park, de natuur, rondom. Het voelde goed om een outsider te blijven. Toen ik in de jaren tachtig een grote liefde uit Engeland had, was ik vaak in Londen, man, man, man, ik wist niet wat ik meemaakte. Immens. Dat is mooi, maar niet om te blijven, niet voor mij. Weet je wat het ook is? Als ik naar het westen was vertrokken en daar naar het café zou gaan, zou ik mensen van radio, televisie of andere media tegenkomen en op de een of andere manier voelde dat niet goed. Hier ken ik de mensen al vanaf kinds af aan, hier zijn mijn roots.

’Palermo is een ode aan de liefde. Een statement tegen het cynisme, wat hoort bij angstige, teleurgestelde mensen die nooit iets goeds verwachten. Cynisme is een soort geestelijke suïcide. Dan leef je niet meer, raak je de menselijkheid kwijt. Ironie, sarcasme en cynisme, het heeft allemaal met spot te maken, maar die laatste, dat cynisme, is gevaarlijk. Ik voelde dat ik zelf ook cynisch werd, toen de burgemeester van Palermo iedere vluchteling persoonlijk ontving. Was dat normaal, niet te naïef? Toen hoorde ik hem praten en wist: hij is wel normaal, mijn reactie vertelt iets over een verandering in mij. Wooh.

’Toen we met Zwart Wit kwamen, was er weerstand, door de tekst en de aanleiding (moord op Kerwin Duinmeijer in 1983, red.), maar de jaren erna was er ook veel instemming. Alleen maar instemming, op een gegeven moment. Die onschuld is de laatste tijd weer een beetje weg. Hoe gaan wij met elkaar om? Dat is een thema. Er is veel populisme en dat is een cynische beweging. Mensen dreigen zich terug te trekken in hun eigen identiteit. Er is geen discussie meer. Ik heb altijd geleerd argumenten te gebruiken en open te staan voor de ander. Het is allemaal harder, de mensen oordelen ook zo snel. Ik verzet me erg tegen populisme. Tegen het schreeuwen. Het opportunisme.

‘We leven in een verwarrende tijd. Na een optreden van een paar jaar geleden vroeg ik mijn band: hoe ging het, jongens? Ze zeiden: het was fantastisch vanavond. Dat gevoel had ik ook. Maar iemand was op zoek naar kwaad nieuws en plots stond in de krant dat ik die bewuste avond stomdronken op het toneel had gestaan. Vroeger bleef het dan: een berichtje in de krant. Nu: social media, televisie, internet, het ging maar door en kijk zelf bijna nooit op twitter of facebook, dus ik kreeg het aanvankelijk niet mee. Totdat mensen me gingen bellen. Dat heeft me aangegrepen. Het was niet waar. Maar het ‘nieuws’ werd niet gecheckt, niemand vroeg: klopte dat, Frank? Toen het naar buiten kwam, zaten wij inmiddels in Brussel en gingen mensen me bellen: gaat het wel, jongen, gaat het wel goed met je? Ik begreep er niks van. Wat was er loos? Maar dat je dus zoveel last kunt hebben van iets dat niet gebeurd is… Wat moet je ermee?’

Boeijen draai je niet, dat was de mores bij de dj’s. Maar we kwamen op 3 binnen in de Tipparade, toen moesten ze wel, haha!

Huil

‘Geert overleed, een vriend, een muziekjournalist. Ik zing zijn tekst op Palermo, een column over een ontmoeting tussen ons. Nooit zullen we wennen aan de vergankelijkheid van het bestaan, maar zijn tekst is prachtig in eenvoud. Geert zei altijd: wel sentiment, nooit sentimenteel. En je weet: big boys don’t cry. Of ineens heel erg veel. Ik heb veel begrafenissen meegemaakt en als je buienradar zou hebben: zó’n piek als je om die kist gaat en wegloopt. Dat je iemand achterlaat, dat is het ergste.

’Ik stond ervan te kijken dat we in De Wereld Draait Door dat hele lied mochten spelen, ze besloten vrij laat dat ze juist dat nummer wilden. Overal zag je de beeltenissen van Geert geprojecteerd. Heel confronterend. Ik was bevreesd dat ik het niet droog zou houden, maar hield me vast aan Geert’s uitspraak over sentiment. De dood is als een heftige brandwond, pas later gaat het echt pijn doen. In het begin is het een kwestie van regelen, proberen te begrijpen, een hectische tijd. Pas als de ontkennende fase wordt verlaten, komt de echte pijn.

‘Als ik vloog naar het Verre Oosten, waar ik prachtige reizen naartoe heb gemaakt, kon je uren naar films kijken. Heel sentimentele. Op de een of andere manier komen die in vliegtuigen altijd net iets dieper binnen. The boy in the striped pyjamas, ken je die? Och. Dan krijg ik het echt te kwaad. Tranen met tuiten.’

Bid

‘Religie vind ik een heel interessant thema. Of het nu in een man is, de bliksem, leven of dood, mensen hebben iets nodig. Een houvast. Een verklaring. Vaak is de wens de vader van de gedachte, maar als ik naar mijn moeder keek: voor haar was het fantastisch om te geloven.

‘We gingen met het gezin altijd naar de kerk, maar toen ik 12 was, vroeg mijn katholieke vader: “Wil je nog wel mee?” Hij liet me vrij. Geloven doe ik niet meer, maar religie is heel interessant, een afspiegeling van culturen. Besef, 95% van de wereldbevolking is religieus, wij zijn de uitzondering. En atheïsme is ook een ramp, dat hebben fascisme, nazisme en communisme genoeg bewezen. Stalin was in staat 30 miljoen te vermoorden, dan is je geweten zoek. Zodra je extremen krijgt, wordt het gevaarlijk, dan wordt het: kop eraf. Maar religie heeft ons veel gegeven. Het geweten, medemenselijkheid en niet in de laatste plaats de kunst.

’Ik ben twee keer naar het graf van St. Franciscus in Assisi geweest, mooie naam overigens, ik heet niet voor niets ook Franciscus, he, Franciscus Johannes Maria. Het is een mooi verhaal: hij die al zijn rijkdom afzweert om helemaal ‘schoon’ te worden. Echt een belevenis, daar in Assisi, moet je doen hoor als je kunt, je weet niet wat je ziet.

‘Ik vind alle vormen van religie heel interessant, maar waar ik moeite mee heb is de rol van het schuldgevoel. Altijd dat schuldgevoel. Dat hangt ook zo rond de dood. Had ik maar dit gedaan, had ik maar dat gezegd… Onverklaarbaar. Weet je wat het is? Je verdwijnt in het grote niets en niets is volmaakt. Dat heeft Geert verzonnen. Prachtige zin toch?’

Lach

‘Het liefst zou ik niets zeggen tussen mijn liedjes. Dat deden mijn helden ook nooit. Je steelt de fantasie. Niet dat ik niet van humor houd, maar (pakt lachend een pakje shag en een aansteker), ik moet nu wel even mijn schoonmoeder bellen. Loop je mee?

’Weet je, mensen vinden het prettig als de muzikant tussen zijn liedjes even wat vertelt. Stef Bos, die is er heel goed in. Soms krijg ik de geest, maar ik ben er minder goed in. Het is bij mij toch ook nog steeds een soort verlegenheid die me dan parten speelt. Ik ben een zanger, geen cabaretier.

’Ik heb ooit een nummer gemaakt over geluk. De titel: geen grotere pijn dan geluk. Mijn broer, psycholoog van beroep, belde me: wat bedoel je daar nou mee? Dat is een heel lange correspondentie geworden tussen ons. Ik vind geluk soms angstaanjagend, omdat je het verliezen kunt. Ik hoor het ook vaak als mensen een kind krijgen. Ik kwam er toen op: ontbreken is comfortabel, ontvangen is pijnlijk. Het is een liefdeslied. Raadselachtig he? Haha, maar dat is het leven toch ook? Ik was eens op reis naar Zuid-Afrika en we zaten met allemaal mensen bij elkaar. Zangers Schrijvers. Iemand vroeg: waarom moeten wij allemaal gelukkig zijn? Waarom is het: nobody loves you when you are down and out? Wat is dat? Waarom? Ik stoei daar als liedjesschrijver graag mee, want geluk is niet gemakkelijk om te zetten in een lied. Het hangt van uitersten aan elkaar, is vaak niet helder. Blij en bang, zong mijn collega Henny Vrienten. Ook een mooie.’

Werk

‘Ik heb nooit een baan gehad. Meteen na school hebben we onze eerste lp gemaakt, tot grote zorg van mijn ouders. Dag en nacht waren we ermee bezig. Niemand van de Frank Boeijen Groep kreeg in die tijd kinderen, heel opvallend. Alles heeft een prijs. Toen het succes kwam, waren we zo moe. De Verzoening: achttien tv-optredens. Moest je playbacken, weetjewel, allerlei fratsen uithalen, eigenlijk totaal niet leuk. En het was ook die tijd: drank, drugs, ’s nachts leven, waarom willen al die mensen met jou omgaan, iedere artiest is onzeker. Na Zwart-Wit werd ik bedreigd, brieven vol woede. Hoe ga je daar mee om, ik was ook nog maar een twintiger.

‘Ik heb altijd gezegd: zodra het werk wordt, houd ik ermee op. Dat is de rode draad in een inmiddels tamelijk lange loopbaan, die van fases aan elkaar hangt. Als ik nog wel eens denk aan de puberteit, al die onzekerheid. Nu weet ik: alles is van voorbije aard en alles komt goed. En opeens merk je dat je overal ‘de oudere’ bent, terwijl je dat helemaal niet zo voelt.

‘Sinds 1991, toen ik solo ging, voel ik een grote mate van vrijheid. Samen met Ton Snijders knutselen aan nieuwe liedjes, dat is het ultieme. Dat je een album als Palermo maakt en bij de eerste cd denkt: al die liedjes zijn eigenlijk één groot lied geworden. Dat proces, wonderlijk. Door tot de dood? Zeker.’

'Ik heb altijd gezegd: zodra het werk wordt, houd ik ermee op. Dat is de rode draad in een inmiddels tamelijk lange loopbaan, die van fases aan elkaar hangt.'

Bewonder

‘Vorig jaar kreeg ik dus een oeuvreprijs. Vooraf zag ik er een beetje tegenop, want –daar is ie weer- ontvangen is pijnlijk. Maar nu ging het best goed. Het was heel fijn dat het in Nijmegen was en dat ik degenen die mijn liedjes zongen, allemaal heel goed ken. Voor mij voelde het toch ook als een prijs voor de smaak van mijn publiek. Is geen valse bescheidenheid. Je gaat toch niet lopen pronken? We zijn wel Nederlands, toch? Ik kom uit een gezin met tien kinderen Mijn ouders hielden rekening met iedereen. Geef je die wat, dan geef je die anderen het ook. Dus als ik zo’n prijs krijg, wil je toch vanuit jezelf als eerste uitleggen voor wie die prijs allemaal nog meer is. Daar ben ik me dan sterk van bewust. Je gaat niet juichen in je eentje, je deelt.

‘Mijn vriend Geert was journalist bij Oor en Heaven. Een journalist is vaak kritisch en scherp, maar ik vond bij Geert altijd zo mooi dat hij ook bewonderen kon. Zoals Frits Spits dat kan, of een journalist als Bas Heijne. Het recht op bewonderen, daar had hij het over en dat vind ik een heel mooie. Bewonderen is een gemoedstoestand.

‘Cohen, Cave, Michelangelo, Klaas Gubbels, Rembrandt, Armando, Mahler, Campert, Rothko, ik bewonder velen om wat ze maken, hoe ze in het leven staan, hoe ze inspireren en met hun vak omgaan, maar de meeste bewondering heb ik toch wel voor Bob Dylan. Ook weer: ontroerend, nooit sentimenteel. Ik houd van mensen die kunnen schrappen tot het mooiste overblijft. Ik ben in de loop der jaren steeds minder bijvoeglijke naamwoorden gaan gebruiken, als Borderwijk, die alleen maar heeft geschrapt. Wat overblijft zijn de woorden van moed. Van troost. Dat biedt perspectief.’

Wij van WENDY Magazine mogen 5×2 kaartjes weggeven voor Frank’s tour met zijn nieuwe album Palermo als leidraad. Stuur een mailtje naar winactie@wendymultimedia.nl en wie weet ben jij de gelukkige winnaar! 

 

Deel artikel

Lees ook


Advies Gezond
31 mei 2016

Geen groene vingers? Toch een groen balkon (en groene stad)


Brein Geven & ontvangen Liefde Relatie Vriendschap Winactie
7 oktober 2017

Ernst-Jan Pfauth schrijft het ‘Dankboek’ + WIN


Gezond Goed nieuws Voeding
3 augustus 2016

Met dit drankje haal je het meeste uit je work-out


Brein Gezond Stress
1 oktober 2017

Leer gemakkelijker ‘nee’ zeggen


Voeding
9 april 2017

Recept: Poké Bowl en win het boek Spoonful of Love


Brein
11 januari 2017

Weg met het taboe rondom depressie

Nu in de winkel

Shop de cadeautjes!