Guus Meeuwis deelt zijn lessen in geluk

Na een roerige tijd lacht het leven Guus Meeuwis weer toe, met een nieuwe liefde én een nieuw album. Hierop zingt Guus over het zoeken, vinden, hebben, houden van en kiezen voor geluk. Voor WENDY deelt hij aan de hand van de klassieker van Ramses Shaffy zijn lessen in geluk.

Zing

‘Zingen was altijd al een bijzondere vorm van ontspanning voor me, maar zeker in de afgelopen moeilijke periode bleek het een belangrijke uitlaatklep. Zingen helpt. Of je nou zwetend boven aan een zwarte piste staat of in een andere lastige situatie belandt: zing een lied. Het leidt af en geeft een natuurlijke gemoedsrust, mij wel tenminste. Het maakt helemaal niks uit of je “kunt” zingen, het is voor íedereen lekker om je ochtendhumeur weg te schreeuwen onder de douche.’

Vecht

‘Ik ben een vechter, maar als een strijd is gestreden, blijf ik niet hangen. Terugkijken heeft geen zin, ik wil graag door. Het liefst los ik conflicten op met een goed glas wijn, zodat iedereen blij en tevreden is, maar ik weet inmiddels dat het niet altijd handig is om onvrede op te kroppen, in de hoop dat het vanzelf verdwijnt. Zo werkt het niet. Mijn oma zei dertig jaar geleden al: “Ja jongen, het is gebeurd, maar het is vast ergens goed voor, dus ga maar weer door.” Dat leer ik mijn kinderen nu ook: sta open draai naar het licht.’

Huil

‘Misschien is het ouderdom, of vaderschap, ik weet het niet, maar als het om tranen gaat, ben ik niet meer te redden. Ik próbeer er niet eens meer tegen te vechten. Tranen van geluk, puur verdriet, een geweldige prestatie van een ander, een klein gebaar, mijn kinderen kijken me voortdurend zuchtend aan: o, daar gáát-ie weer. Het gebeurt me nog nét niet bij de finale van MasterChef! Vroeger vond ik het gênant, riep ik dat het hooikoorts was, maar inmiddels schaam ik me niet meer voor mijn tranen. Toch heb ik ze het liefst van geluk.’

Bid

‘Mijn ouders woonden tijdelijk in een klooster toen hun huis werd verbouwd. Daar, op zolder, werd ik geboren. Gustaaf Stephanus Modestus, vernoemd naar de stichter van de kloosterorde. Ik ben katholiek opgevoed en draag nog altijd het kruis dat ik in het klooster kreeg, maar ga nooit meer naar de kerk. Wel probeer ik boven alles “een goeierd” te zijn. Als ik de kloosterzusters van toen weer eens spreek, zeggen ze: “Guus, het maakt niet uit of je naar de kerk gaat, met jouw muziek breng jij ook iets, blijdschap.” Als dat waar is, dan is muziek mijn geloof.’

Lach

‘Niks mooier dan de lach van degene die je liefhebt, of… een goede, harde grap in mindere tijden. Die helpen je vooruit, want humor is net zo sterk als liefde: het maakt het leven licht. Veel dingen komen bij mij voort uit humor, zoals het optreden in de Royal Albert Hall. Een jaar lang riep ik elke ochtend voor de gein: “Heeft iemand Royal Albert Hall al gebeld?” Op een gegeven moment dachten we: waarom niet eigenlijk? De lach werd werkelijkheid.’

Werk

‘Ik zeg eerlijk: er moet veel wijken voor mijn werk. Dat heb ik niet altijd in de gaten, omdat mijn werk mijn hobby is en het voelt alsof het me geen energie kost. Ik kan erin verdrinken en vergeten dat andere dingen ook belangrijk zijn en aandacht verdienen. Die balans heb ik de afgelopen tijd ook onder de loep moeten nemen. De pleaser in mij schaamt zich soms nog om nee te zeggen tegen leuke verzoeken en aanvragen, maar ik moet dat wel leren.’

Bewonder

‘Bruce Springsteen slaagt er al decennia in om steeds weer beter te worden. Zijn songs kloppen, er zit niks gekunstelds aan, dat vind ik zo knap. Het gaat hem steeds beter af om zichzelf te zijn. Als ik dat op mezelf betrek: blijkbaar heb je pieken én dalen nodig om dichter bij jezelf te komen, het zijn allemaal verhelderende leermomenten. Daarom vind ik “ouder worden” misschien lastig qua lijf en energie, maar qua ervaring vind ik het echt wel tof! Als je dat combineert met gezonde nieuwsgierigheid en kinderlijke naïviteit, kan het leven eigenlijk bijna niet beter worden.’

Deel artikel

Nu in de winkel

Shop de cadeautjes!